LOGOPEDIE

Kinderen kunnen problemen ervaren op vlak van rekenen, lezen en/of schrijven (leerprobleem). Vaak kunnen we de ontwikkeling terug in gang zetten of mogelijks de achterstand inhalen. De mogelijkheid bestaat dat na intensieve ondersteuning en behandeling deze problemen blijven voortduren. In dat geval spreken we over een leerstoornis.

Onze taalontwikkeling verloopt volgens een bepaald patroon. Het is mogelijk dat bij sommige kinderen dit patroon vertraagd of afwijkend verloopt. Bv: problemen met woordenschat, correcte zinnen maken, verhalen vertellen, …

Indien na intensieve therapie deze taalproblemen blijven voortduren, kan er sprake zijn van dysfasie.

Moeilijkheden met het uitspreken van bepaalde klanken of bepaalde klanken niet kunnen uitspreken.

Slikstoornis (dysfagie) kan ontstaan door problemen met de spieren die verantwoordelijk zijn voor het slikken, een verminderde gevoeligheid en/ of een reflexafname. Verslikken is mogelijk als het voedsel of drinken in de luchtpijp terecht komt.

Een stemstoornis is een aandoening van de stem of het stemapparaat. Dit kan een invloed hebben op de spraakklanken, het volume en de omvang van de stem. Kenmerken: heesheid, schorre stem, te hoge /lage stem, te luid/zwak, overslaan van de stem.  

Wanneer er een afwijking is in het vloeiend spreken, kan er over stotteren gesproken worden. Stotteren kan zich uiten in herhalen (van klanken, woorden/woorddelen), aanhouden (van klanken) of blokkeren bij aanzetten van de spraak.

Communiceren en spreken zijn moeilijk als je niet goed hoort. Een logopediste kan bij gehoorproblemen ingeschakeld worden voor: gehooronderzoek, aanpassing van het gehoortoestel, spraakafzien/liplezen en auditieve training.

Ore-myofunctionele problemen zijn afwijkende mondgewoonten. Hieronder verstaan we foutieve zuigen/of slikgewoonten, habituele mondademhaling, foutieve reflexen, …

Een logopediste kan hier bijstaan in het aanleren van nieuwe gewoonten.

Afasie is een taalstoornis ten gevolgen van een hersenletsel. Het komt zelden voor dat enkel de taalgebieden getroffen zijn. Vaak gaat dit gepaard met verlamming, problemen met handelen, zien, horen, …

In functie van deze problematieken kan ook logopedie aangeraden worden.

Dysartrie is een spraakstoornis die het gevolg is van zenuwbeschadiging. Hierdoor ervaart iemand problemen met ademhaling, articulatie, stemgeving, … Logopedie is hier vooral gericht op het verbeteren van de spraakverstaanbaarheid. Verder kan er ook gewerkt worden aan de basisbehoefte (ademen, zuigen en slikken).

Jonge kinderen hebben soms problemen met eten, drinken en/of slikken. De oorzaak hiervan kan sterk variëren: van vroeggeboorte, anatomische of sensomotorische problemen in het mondgebied tot langdurige sondevoeding en/of lichamelijke aandoeningen. 

De logopediste onderzoekt en behandelt de primaire mondfuncties (kauwen, slikken, zuigen, …), beoordeelt de reflexen en tracht de orale responsiviteit te normaliseren d.m.v. positieve prikkelingen in het mondgebied. Ze geeft voedingsadvies m.b.t. houdingsaanpassingen, smaakgewenning, voedingsconsistentie en aangepast eet- en drinkmateriaal. Indien nodig schakelt ze op nutritioneel vlak de hulp in van een diëtiste.

Bij ondersteunde communicatie (OC) worden alle mogelijke communicatievormen en -hulpmiddelen ingezet om communicatie (zo optimaal) mogelijk te maken. OC kan worden ingezet bij iedereen die, vanwege een stoornis of beperking, belemmeringen ervaart in het waarnemen, verwerken, begrijpen en uiten van spraak, (gebaren)taal en schrift. Bij OC spelen de communicatiepartners een belangrijke rol: ook zij moeten de ondersteunde communicatievormen kunnen gebruiken.